Social media: schokkende berichten

[Disclaimer: dit stukje tekst bevat mijn mening, gebaseerd op mijn gevoel. Elke overeenkomst met bestaande meningen en gevoelens berust op louter toeval.]

De afgelopen dagen las ik op twitter veel over een jongen van 18 jaar die heel plotseling stierf. Het is de zoon van twitteraar Pien, zo blijkt. Ik ken Pien niet en haar zoon Pieter ook niet. Wel zie ik de verdrietige berichten, van haar en aan haar. Ze raken me.

pien_tweet

Pien deelt veel op twitter. Verdriet, wanhoop, liefde en radeloosheid gevangen in berichtjes van 140 tekens.
Ze plaatst zelfs een foto van haar dode zoon, die nu weer thuis is. Ik zie een jongen die lijkt te slapen. De gevouwen handen, zijn houding en de setting verraden: deze jongen is dood. Auw. Wat een pijn. En wat een liefde. Wat een wanhopige, pijnlijke en tegelijk berustende verklaring van liefde en trots. Deze moeder wil haar mooie zoon laten zien aan de wereld.
Zonder het te willen stel ik me voor dat ik de moeder ben die haar zoon… (Merel, stop! Niet aan denken, niet aan denken, niet aan denken….!)

Het beeld maakt indruk op me, het zet me aan het denken en aan het voelen. Maar schokkend, die foto? Nee. De reacties erop. Die wèl.

Schokkend vind ik het verwijt dat Pien dit deelt, dat mensen schrikken en er wakker van liggen. Schokkend vind ik de veroordeling, de smerige woorden aan het adres van Pien en iedereen die haar sterkte wenst. En schokkend vind ik de naïeve veronderstelling dat het de moeder te doen is om aandacht. Mijn god, serieus?! Ik kan me -gelukkig- niet álles voorstellen bij het rouwproces van een ouder, maar ik weet vrij zeker dat ‘aandacht krijgen van willekeurige twitteraars’ in dat proces niet centraal staat.

Niet die foto van een dode jongen, maar de drang om keihard te veroordelen. Daar lig ík wakker van.

en de tijd die verstrijkt

Iemand vroeg me of ik misschien een gedicht kon schrijven over Alzheimer. Dat deed ik graag.

Verjaardagskalender Lang zullen ze lezen

Een tijd terug bedachten mijn uitgever en ik gelijktijdig: een verjaardagskalender met gedichten, dat zou leuk zijn!

LANG ZULLEN ZE LEZEN dicht je door de maanden heen en neemt je mee langs alle feestjes, belangrijke data, jaarlijkse rituelen en de vier seizoenen. Met gedichten en tekeningen die raken, die doen glimlachen, laten nadenken en erom schreeuwen steeds opnieuw gelezen en bekeken te worden. Lang zal je lezen, heel lang!


Kopen?
De kalender kost €12,95 (excl. verzenden). Met verzendkosten is het in totaal €16,95.

Je koopt ‘m via mij (mail me even of reply ergens), via Uitgeverij Palmslag of via elke (online) boekhandel.

Merel Morre (’77) is dichter en tekstschrijver en was stadsdichter van Eindhoven. Merel dicht en schrijft toegankelijk en spitsvondig. Brutaal soms, maar bovenal echt, eerlijk en kwetsbaar. Eerder verschenen van Merel bij Uitgeverij Palmslag de bundels Met mijn ogen dicht ik alles heel (2013), Een bundel geluk (2015) en Dons op mijn tanden (2015).

Maaike Hartjes (’72) studeerde Illustratieve Vormgeving en maakte daarna illustraties, cartoons en strips voor diverse kranten en tijdschriften. Ook verscheen er een tiental boeken met haar autobiografische strips. In 2016 ontving ze de Stripschapsprijs voor haar oeuvre.

Dag Marije

Gisteren was die dag. Het afscheid van een meisje dat ik niet ken en toch ken. Marije.
De afgelopen week had ik regelmatig contact met haar ouders, die me uitnodigden om bij het afscheid aanwezig te zijn. Ook al kende ik hen en Marije niet in het echt, ze  lieten weten het fijn te vinden als ik er zou zijn. Ik besloot te gaan.

Met mijn zus neem ik de trein erheen. Alles gaat altijd gewoon door op zulke dagen. Treinen gaan ineens op tijd. Mensen haasten zich naar hun werk. Piepjes klinken, koffie wordt gedronken. Koetjes, kalfjes, maar geen hap door mijn keel.

Het is kwart voor één. Dadelijk zal de deur van de kerk opengaan, dan is er de gelegenheid om te condoleren. Het is al druk op het pleintje. Stille groepjes bij elkaar. Jonge meiden die elkaar omarmen. ‘Wat zie je er mooi uit’. ‘Jij ook’. Er komt een vrouw naar me toe. ‘Merel? Ik herken je van internet. Wat fijn dat je er bent. Je blog betekende veel, het is heel troostend wat je schreef.’ Het is de tante van Marije. Ik slik en bedank haar. Zucht. ‘Heel veel sterkte…’

De deur gaat open. Gespannen staan we in de rij om de familie te condoleren. Slikken en schuifelen. Voetje voor voetje, mijn hart zit in mijn keel, een brok ernaast. Dan sta ik voor de vader van Marije. Ik schud hem de hand en wil me voorstellen, maar hij herkent me en pakt me meteen vast. Ik voel het verdriet van een lieve vader die zijn dochter verloor. We houden elkaar even stevig vast. Ik slik tranen weg.
Haar broer, haar zusje. ‘Gecondoleerd. Ik ben Merel.’ Wat kan het hen schelen wie ik ben? Maar ik weet niets anders te doen dan dat.
Bij haar moeder zie ik twijfel. Weer: ‘Ik ben Merel.’ Daarop kijkt ze me verdrietig lief aan en omhelst ze me moederlijk. ‘Wat fijn dat je er bent. Het heeft zoveel voor haar gedaan, echt.’

Natuurlijk is er die gedachte.
Wat heb ík nou betekend?! Wat heb ik kunnen doen?
Niks echts.
Ik ben op de afscheidsdienst van een veel te jong meisje.
Dit is alleen maar mis.

De dienst is prachtig hartverscheurend en hartverwarmend. Ik leer Marije kennen. Ik zie en hoor wie ze was. Ik hoor de liefde in alle verhalen, in alle liedjes. Wàt een meisje. Wat een slim, mooi, leuk en wijs meisje.

Dag meisje dat me vorig jaar mailde.
Dag meisje dat barstte van het talent.
Dag meisje dat ik niet ken, maar toch zo ken.
Dag Marije. Ik vergeet je nooit.

en zelf niet meer moeten

Zaterdagochtend 14 mei. Het is 9.46 uur en ik word gebeld door een nummer dat ik niet ken. Een man stelt zich voor als de vader van Marije. ‘Ze heeft een jaar geleden een gedicht van jou geanalyseerd’. Dan weet ik het weer. Een meisje uit 3 gymnasium met een poëzieopdracht voor school. Ze had m’n gedicht zó mooi en raak geanalyseerd, dat ik er ontroerd door was. En veel lezers met mij. ‘O ja, Marije!’

Haar vader vervolgt zijn zin. Die gaat door merg en been. ‘Merel, Marije heeft een einde aan haar leven gemaakt…’ Hij breekt. Ik ook, maar ik slik zo hard dat ik nog kan reageren. Niks zinnigs, want wàt in hemelsnaam? Dat slimme, jonge, kwetsbare meisje. Wat is er gebeúrd? Wat, hoe, zo jong? Ik stamel. Hij verontschuldigt zich, omdat hij huilt en omdat hij me dit nieuws zo vertelt. Ik kan alleen maar zeggen dat dat niet erg is, dat het heel erg is, dat het afschuwelijk is.

Ik ken haar niet echt. Ik ken een klein, eerlijk stukje van haar, dat me vorig jaar een paar weken bezighield. Omdat het zo mooi was wat ze schreef. En toch raakt dit nieuws me alsof ze mijn buurmeisje was.

Hij belt om te vragen of mijn gedicht op de kaart mag.
Natuurlijk mag dat.
En om te vragen of ze een tweede zilveren kettinkje met tekst van mij kunnen krijgen. ‘Ik stond op voor dag en jou’. Zodat Marije het kettinkje om kan in het graf en zij er zelf ook nog eentje hebben.
Natuurlijk kan dat.

Lieve Marije, meisje uit 3 gymnasium toen. Pas nu begrijp ik hoe het kan dat jij zoveel begreep van het gedicht dat je ontrafelde. Pas nu begrijp ik waarom juist jij zoveel herkende. Pas nu begrijp ik waarom je moeder me nog mailde: ‘Ik wil je ook erg bedanken voor wat je voor haar hebt gedaan (en dat is meer dan haar vragen beantwoorden!)’. Pas nu begrijp ik die dingen. En wat had ik dit graag anders gewild voor je.

stilletjesaan
wil ik stiller gaan staan
de zijlijn onder mijn voeten
op veilige afstand
het draaien zien gaan
en zelf niet meer moeten

 

 

Schort in de knoei van je leven!

Nu te bestellen: een schort van goede kwaliteit, voor in de keuken of bij de BBQ.

knoeischort

€ 25,- (excl. verzenden)

Als je er eentje wilt bestellen, mail me dan even: merel@briefvandekoning.nl. Ik bestel ze namelijk op basis van jullie enthousiasme!

 

 

op de Dommeltunnel

Gisteren is mijn tekst geplaatst op de Dommeltunnel, de tunnel van de TU/e naar de andere kant van het spoor. Ik ben er heel blij mee en trots op!

13076744_1177817642251327_4281919378839234992_n13001132_1177817648917993_2051017280506838397_n12993594_1177817692251322_356384377987799931_n